Een onthullend kijkje in de bestuurlijke keuken van Ouder-Amstel

Beste vrienden,

Rob Fijlstra heeft de moeite en tijd genomen om zich door een hele stapel documenten van de gemeente heen te worstelen en om daar vervolgens bijgaand verhaal van te maken. Het is een handzaam verhaal geworden, en heel informatief voor wie zich volgende week met het Inicio-proces gaat bezig houden. Wij zijn overigens benieuwd naar de (financiele) kaders die dit bureau heeft mee gekregen. Rob heeft het hele verhaal al op het Forum geplaatst maar zijn verslag is dermate belangrijk dat wij dat onder een breder publiek willen delen. Lees hieronder de samenvatting en conclusies van Rob.


Met een beroep op de Wet Openbaarheid van Bestuur dienden wij 5 december vorig jaar bij de gemeente een zgn. WOB-verzoek in. Met als aandachtspunten de ambities van het College t.a.v. het centrumplan, het verkeersproject Kerkstraat en Kerkbrug , de gesloten intentieovereenkomsten met projectontwikkelaars en alle correspondentie omtrent het verplaatsen van de Plus supermarkt richting de voormalige Rabobank locatie. Op 8 april 2019 reageerde de Gemeente met een overstelpende hoeveelheid data, met de verslagen van de ‘externe stuurgroep Centrumplan’ ( vanaf 20 augustus 2015) als rode draad en de contracten van externe adviesbureaus als lardering. Onthullend leesvoer, voor wie er de tijd voor neemt heeft, ondanks of misschien wel door de vele zwart gelakte passages. Resteert de kernvraag: wat maakt dit wob-materiaal (ook te lezen op de gemeentelijke website) duidelijk over het verloop van het Centrumplan proces tot nu toe? En vooral; wat valt er van te leren?

Les 1: Externe adviseurs behoren niet te bepalen wat er in onze gemeente gebeurt
Bij lezing van de stukken wordt al heel snel duidelijk, dat de gemeente zich met graagte omringt met een hele stoet externe adviseurs. Waar komt deze behoefte aan externe hulpkrachten vandaan? Kennelijk is heeft Ouder-Amstel een systeem gebouwd, dat ervaring, inhoudelijke deskundigheid en bekendheid met de lokale situatie in de ambtelijke top weg georganiseerd heeft. Vroeger hadden topambtenaren tenminste inhoudelijk gezag; ze stonden bekend om hun kennis en waren gehuisvest in hun werkomgeving. Nu zitten er overal managers en medewerkers, dikwijls niet woonachtig en geworteld in Ouder-Amstel. Mogelijk geldt dit ook voor ‘onze medewerkers’ van duo plus. Met als gevolg dat de gemeente overlopen wordt door externe adviseurs zonder wortels in onze gemeente. Het lijstje externe adviesbureaus, dat volgens de stukken de afgelopen jaren is ingezet is indrukwekkend: Koen Wagemakers (projectmanager), de Wijde Blik (communicatie), BVA (verkeersadviezen), RHO adviseurs (economisch onderzoek), Vestigia, (architectuur & cultuurhistorie), Wieringa advocaten (concept plan overeenkomst), Goudappel Coffeng (verkeer), SVP (architectuur en stedebouw), Delft Infra Advies BV en Decisio (economisch onderzoek en advies). Opvallend is dat behalve Koen Wagemakers deze bureaus allen deelopdrachten kregen – wat opgeknipt kan worden werd opgeknipt. Dit is niet altijd effectief, want (bestuurlijke spanningen) dienen zich meestal aan waar deelgebieden/deelbelangen elkaar raken. Over de kosten van de inzet van zoveel adviseurs worden we helaas niet geïnformeerd – deze passages zijn zwartgelakt. Maar het moet een imposant bedrag zijn. Belastinggeld, voor alle duidelijkheid. Het is te hopen, dat met de wisseling van externe kennis leveranciers ook hun expertise niet de deur uit gelopen is.

Les 2: Commerciële projectontwikkeling moet niet een te dominante rol spelen
In de verslagen van de externe stuurgroep centrumplan valt vooral de continue aanwezigheid van dhr. D. Oranghi van K4 Vastgoed op. Kennelijk is hier sprake van co-productie avant la lettre; maar dan slechts met één partij: K4.
De samenwerking met deze vastgoedontwikkelaar gaat zover, dat in een intentieovereenkomst van 22-06 – 2016 besloten wordt om samen de voorliggende onderzoeken te betalen. En dat terwijl K4 op 15 december 2015 al heeft laten weten op de plaats van de Rabobank een bouwvlak met minimum 4 lagen te willen, gecombineerd met een bouwvlak van ca 5 tot 7 lagen voor de Joodse begraafplaats. Met de verplaatsing van de supermarkt van het Haventje naar het Rabobank gebouw als scharnierpunt. Een hoog ambitieniveau, dat voorspelbaar op grote weerstand zou gaan stuiten. Wat kan het motief zijn geweest van het gemeentebestuur om zo nauw op te trekken met deze projectontwikkelaar?
Tot 5 juni 2018 houden de bijeenkomsten van genoemde externe stuurgroep het karakter van een coöperatief werkoverleg. Pas op 5 juni 2018 wordt de stemming grimmiger: ‘dhr Oranghi geeft aan dat K4 al lange tijd wacht op de gemeente, ze het geduld beginnen te verliezen en het gevoel hebben dat het traject nog lang gaat duren. K4 geeft aan andere opties te willen bekijken, zoals het pand verkopen, of slopen en nieuwbouw realiseren’. ‘Wethouder Korrel geeft aan voor september 2018 een besluit vanuit het College te verwachten’. Dat dit niet gelukt is zal destijds de verhoudingen niet verbeterd hebben. En toen moest het terugtrekken van het gehele concept Centrumplan (28 november 2018) en het veranderen van participatiestrategie nog komen. Geen wonder dus, dat dhr. Oranghi in een nieuw overleg van de externe stuurgroep Centrumplan (12 februari 2019) aangeeft, ‘dat K4 het nieuwe proces in deze vorm niet steunt en dat K4 hieraan niet deel zal nemen, omdat K4 er onvoldoende vertrouwen in heeft dat het op korte termijn leidt tot resultaat en tot ontwikkeling van de Rabobank locatie’. Even later geeft hij in hetzelfde verslag aan geen vertrouwen te hebben in een onafhankelijke procesbegeleiding. Hoeveel zuurder kan een verhouding worden.
En om dit plaatje compleet te maken. De eigenaar van de supermarkt (UBM vastgoed) komt in een verslag van de externe projectgroep van 6 februari 2018 in beeld: ‘UMB vastgoed vindt het prima als de supermarkt naar een andere locatie verhuisd. In dat geval maken ze er een boetiekhotel met afzonderlijke horeca van’. Om even later te vervolgen: ‘ze wachten graag even tot duidelijk wordt of de supermarkt al dan niet verplaatst kan worden’.

Les 3: Meer van het zelfde helpt meestal niet
In de voorbereiding van de inspraakbijeenkomst van 29 november 2018 geeft adviseur Koen Wagemakers in de stuurgroep vergadering van 10 oktober 2018 aan, wat de drie moeilijkste punten zullen zijn: ‘de supermarkt op de Rabo locatie met de gewenste bouwhoogte, het parkeren en het toevoegen van extra horeca’. In verschillende gradaties van boosheid bevestigen de 21 insprekers op 29 november 2018 zijn bange vermoedens. Er dreigt een heuse revolte. Het College had het draagvlak voor haar plannen en die van haar adviseurs volstrekt verkeerd ingeschat. Maar daarover niet te lang getreurd; het plan wordt teruggetrokken en het participatieproces wordt opgeschaald naar coproduceren. Wederom kiest het College haar favoriete vluchtroute: ‘de gemeente heeft een offerte uitvraag gedaan naar verschillende bureaus om de juiste onafhankelijke procesbegeleider te zoeken’ (verslag externe stuurgroep centrumplan 12 februari). Met in dit verslag de analyse van wethouder Boomgaars: ‘de afgelopen tijd is te snel toewerkt naar een inhoudelijk voorkeursscenario, waardoor veel draagvlak verloren is gegaan’. Een wonderlijke diagnose! Wie de verslagen doorleest wordt vooral geraakt door het trage voortpruttelen van een in zichzelf gekeerde groep bestuurders/ambtenaren, aangevuld met één projectontwikkelaar.
Bestuurders, die van vergaderen een sport maken, maar niet doen waarvoor ze opgesteld staan: visies binnenbrengen, kaders aangeven, lijnen uitzetten, belanghebbenden betrekken, dilemma’s overstijgen en weerstand overwinnen. Alleen daardoor raakten deze bestuurders losgezongen van de maatschappelijke realiteit en de gevoelens in hun omgeving. Als deze les niet getrokken wordt, moet gevreesd worden voor een herhaling van zetten.

Les 4: Vergeet niet om van een ervaring een leerervaring maken
In hun brief van 28 november 2018 maakt het College van B&W duidelijk, ‘dat het maatschappelijk en politiek draagvlak ontbreekt voor met name model C op de Rabobank locatie. De weerstand bij zowel inwoners als ondernemers toont verder aan dat we te voortvarend te werk zijn gegaan. Inwoners en ondernemers zijn onvoldoende betrokken bij de inhoud van de onderzoeken en de gevolgtrekkingen’. Hier geeft het bestuur zichzelf toch een dikke onvoldoende. En niet voor een enkelvoudig besluit, maar voor een langere periode van uitzichtloos voort ploeteren zonder enig resultaat. Met uitsluiting van inwoners, ondernemers en verenigingen die zich sterk maken voor het behoud van cultuur historische waarden in het dorp. In een bestuursstijl, die niet meer van deze tijd is. Alom wordt verlangd naar een ‘frisse start’. Van de betrokken externe adviesbureaus wordt afscheid genomen. In een brief van 12 februari 2019 meldt Koen Wagemakers aan SVP (architectuur en stedenbouw) , ‘dat de samenwerking met SVP wat betreft het Centrumplan wordt beëindigd’. Met als argumentatie: ‘in het nieuwe proces wordt na oplevering van een gedragen ambitiedocument het proces vervolgd met een nader te bepalen stedenbouwkundig bureau. Vanwege de frisse start zal dit niet SVP zijn’. Het zou niet meer dan fair geweest zijn, als ditzelfde argument ook gegolden had voor de verantwoordelijke bestuurder(‘s).

Slot
Het is fijn in een land te leven, waarin het openbaar bestuur openbaar functioneert en dat de informatie over bestuurlijke aangelegenheden ook echt openbaar is. Dit maakt de zegeningen, maar ook de uitdagingen heel duidelijk.
Voor ons Dorp geldt, dat er grote behoefte bestaat aan betrokken inwoners en ondernemers, die zich actief bekommeren om hun eigen leefomgeving. Met kundige bestuurders (college, raad, ambtenaren) die zorgen voor voortgang in de belangrijke dossiers. Dit kan door inschakeling van de aanwezige kennis/ervaring in ons dorp in dialoogtafels en klankbordgroepen, en door uitschakeling van de organisatie culturele factoren die dit bemoeilijken. Binnen een helder bestuurlijk concept en met een dito regie – een rivier zonder oevers wordt immers een modderpoel. Juist een participatieproces vraagt om deze heldere kaders en begrenzingen.
We staan met Ouder-Amstel en de Centrumplan ontwikkeling wederom op een duidelijk keuze moment. We zijn een rijk dorp, gezegend met een geweldig potentieel. Maar we zijn verdwaald geraakt in een niemandsland met ondoordachte toekomstdromen en onmogelijke nostalgie. En worden soms verblind door een stroom van lege sentimenten en marketing kretologie.
Het wordt echt tijd voor een herwaardering van onze eigenheid en het hervinden van de collectiviteit die nodig is om samen stappen te zetten. Hopelijk helpen onze Rotterdamse vrienden van Initio (ons nieuwe adviesbureau) ons om daarbij de juiste stappen te zetten.

Rob Fijlstra, Ouderkerk, 2 mei 2019.

Geplaatst in Archief Kampje, Berichten.